Backpay-regeling voor de rechter

Mijn tante van bijna 90 laat het er niet bij zitten. Zij is boos over de backpay-regeling zoals die door staatssecretaris Van Rijn in samenspraak met “het Indisch Platform” eind 2015 is overeengekomen.

Zij is boos omdat zij vindt dat haar man, overleden in 2011, alsnog voor deze regeling in aanmerking moet komen. Zij bestrijdt de gekunsteldheid van de willekeurig gekozen datum van 15 augustus 2015. Wie op die datum niet meer leeft zoals haar man, komt niet voor de regeling in aanmerking. Ook het feit dat het achterstallig salaris en soldij nog steeds niet is uitbetaald beschouwt zij  als een onrechtmatige daad van de Nederlandse staat.

Zij vindt de uitkeringsregeling absoluut onredelijk, onbillijk en onrechtvaardig.

Samen met haar oudste zoon Boudewijn, als gemachtigde die alles minutieus heeft uitgeplozen, heeft zij reeds vroeg (22 nov. 2015) beroep aangetekend bij staatssecretaris Van Rijn van het ministerie van VWS.  Vanaf dat moment is de lange weg naar de uiteindelijke rechtszaak op 14 juli 2017 afgelegd.

Eind augustus 2017 krijgt zij de uitspraak te horen. Haar pleidooi, uitgesproken door haar zoon staat hieronder afgebeeld.

Pleidooi van mijn tante

Pleidooi1_blz1_561x816_Anoniem

Pleidooi_blz2_561x819_A

BEROEPSSCHRIFT: Het complete dossier van mijn tante

Het complete dossier is als (geanonimiseerd) pdf-bestand bijgevoegd en door te klikken op het hierboven blauw onderstreepte op een nieuwe pagina in te zien en te downloaden.

Uitgebreid wordt punt voor punt ingegaan waarom bezwaar en beroep wordt aangetekend. Daarmee is het ook een heel informatief document geworden, inclusief persoonlijke memoires, aanvraag en afwijzingsbrieven door het ministerie van VWS en het SVB, etc.

De Indische Kwestie is nog niet afgedaan

De Indische Kwestie is helaas na meer dan 70 jaar nog lang niet afgerond. Wij zij er nog niet klaar mee. Ik ben heel trots op mijn tante die boos op de deur van de Nederlandse Staat blijft bonken. Ik hoop dat vele anderen dat ook blijven doen, liefst in gezamenlijkheid en vooral niet vanuit klein clubjes die menen voor de hele Indische gemeenschap te moeten spreken.

spandoek_IndischeKwestie.png

Dit bericht werd geplaatst in Indische Kwestie en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

9 reacties op Backpay-regeling voor de rechter

  1. Joyce Daniël zegt:

    Petje af voor jullie allen..mijn vader is overgebracht naar Japan om schepen te klinken. En ook vreselijk geleden en altijd gezwegen. Tot zijn 85 ste levensjaar wisten wij niets en daarna mondjesmaat kwamen langszaam de verhalen. Velen hebben het niet gered. Hij is 89 jaar geworden en kon nog tellen op zijn Japans zo diep zat het. . Ja ik heb heilig respect voor al deze mensen. Die zoveel hebben mee gemaakt en besef dat door zijn drang om te overleven ik mag leven.en er mag zijn. Ik wil alle mensen bedanken voor alles wat ze hebben gedaan om ons een kans van leven te schenken in vrede. Bedankt!!

  2. Pingback: Dromen over ‘duisternis tot licht’ en ‘openbaarheid, dat is de enige school van politieke opvoeding’. | De Indische kwestie

  3. Pingback: Backpay: een teleurstellende uitspraak | Blog Peter Flohr

  4. Joyce Daniël zegt:

    Ben het geheel eens en sluit mij volledig hierbij aan. Ook ik heb op deze kwestie persoonlijk gereageerd omdat ik mijn vader zijn waardigheid terug wil schenken.

    • ronald thumann zegt:

      STOP THE PRESS
      Over de Backpayregeling.
      Tot 1 juli 2019 diende de rechter o.m. de Raad van de CRVB een ministeriele regeling, dus ook de Backpayregeling, terughoudend te toetsen. Door die terughoudende toetsing dient de rechter de opgegeven motiveringen van de Staat te eerbiedigen, tenzij het van elke grond is ontbloot.
      De CRVB heeft de peildatum te weten 15 augustus 2015 geeerbiedigd door die datum als voldoende grond aangemerkt voor het verschil in behandeling. Zij die op 15 augustus 2015 nog in leven waren kwamen wel in aanmerking voor de tegemoetkoming en zij die op 15 augustus 2015 niet in leven waren kwamen niet in aanmerking voor de tegemoetkoming te weten 25.000,00 euro.

      HOOP AAN DE HORIZON
      Echter op 22 december 2017 heeft de Advocaat-Generaal van de Staatsraad prof Widdershoven de afdeling rechtspraak geadviseerd om voortaan ministeriele regelingen (volgens mij dus ook de Backpayregeling) niet meer terughoudend maar indringender dus exceptief te toetsen.

      TOT 1 JULI 2019 WEIGERDE DE CRVB DE BACKPAYREGELING TE TOETSEN AAN HOGERE REGELGEVINGEN ZOALS DISCRIMINATIEVERBODEN GEREGELD IN ARTIKEL 14 EVRM EN NARTIKEL 26 IVBPR.
      Vanaf 1 juli 2019 heeft ook de CRVB het advies van prof Widdershoven gevolgd en dus de CRVB het hoger beroep van een erfgenaam van een voor 15 augustus 2015 overleden KNIL militair, die over de periode geen soldij had gekregen, indringende dus exceptief zal moeten beoordelen omdat de hoorzitting is gepland op 23 januari 2020 om 11.00 uur. Nu dient de Raad te onderzoeken of het uitsluiten van “belanghebbenden” in de rede ligt.

      NADERE STANDPUNT
      Er is als standpunt ingenomen dat de bestreden voorwaarde in feite inhoudt de voorwaarde: niet voor 15 augustus 2015 overleden.

      Nu de “belanghebbende” vanwege zijn hoge leeftijd of onthoofding door de Japanse soldaten tussen 1942-1945 zijn overlijdendatum niet kon beinvloeden of uitstellen is het stellen van die nadere voorwaarde (niet voor 15 augustus 2015 oiverleden) niet in de rede. Om die reden reeds die voorwaarde door de Raad buiten toepassing kan worden gelaten.

      TER VERGELIJKING
      De CRVB heeft in het verleden het besluit van de SVB om een onwettig kind uit de sluiten van een nabestaandenuitkering (biologische vader was overleden) louter o.g.v. status: onwettig kind, uiteindelijk na interventie van de Commissie voor de rechten van de mens als verboden discriminatie in de zin van artikel 26 IVBPR aangemerkt en het gewraakte artikel buiten toepassing gelaten en het onwettig kind alsnog een nabestaandenuitkering toegekend omdat het kind de keuze van zijn ouders om niet met elkaar te huwen niet kon beinvloeden.

      SPRAKE VAN DISCRIMININATIE IN DE ZIN VAN ARTIKEL 26 IVBPR
      Artikel 26 IVBPR verbiedt onderscheid o.g.v. onder meer status of wat dan ook, tenzij er een objectieve en rechtvaardige reden is voor het gemaakte onderscheid.

      De belanghebbenden die louter o.g.v. status: overleden voor 15 augustus 2015 kwamen niet posthuum in aanmerking voor de tegemoetkoming en ook zijn nabestaanden niet. De peildatum kan niet als een objectief en rechtvaardige reden worden aangemerkt voor het gemaakte onderscheid. Waarom? Zij konden geen invloed op hun overlijdenmsdatum uitoefenen.

      WAT IS EEN OBJECTIEFT EN DE RECHTVAARDIGE REDEN VOOR UITSLUITING?.
      Samenwerking met de Japanse soldaten en aannemen van een Japanse nationaliteit wel kan worden aangemerkt als een objectief en rechtvaardige reden om hen uit te sluiten van de backpayregeling. DIT IS OOK EXPLICIET GEREGELD IN DE BACKPAYREGELING.

  5. Wim Flohr zegt:

    Fantastisch verwoord en gezegd! Inderdaad ook ik ben trots en ik hoop dat deze zaak een groot vervolg zal krijgen, al duurt het lang. Het recht moet zijn beloop krijgen!

    • ronald thumann zegt:

      STOP THE PRESS
      Over de Backpayregeling.
      Tot 1 juli 2019 diende de rechter o.m. de Raad van de CRVB een ministeriele regeling, dus ook de Backpayregeling, terughoudend te toetsen. Door die terughoudende toetsing dient de rechter de opgegeven motiveringen van de Staat te eerbiedigen, tenzij het van elke grond is ontbloot.
      De CRVB heeft de peildatum te weten 15 augustus 2015 geeerbiedigd door die datum als voldoende grond aangemerkt voor het verschil in behandeling. Zij die op 15 augustus 2015 nog in leven waren kwamen wel in aanmerking voor de tegemoetkoming en zij die op 15 augustus 2015 niet in leven waren kwamen niet in aanmerking voor de tegemoetkoming te weten 25.000,00 euro.

      HOOP AAN DE HORIZON
      Echter op 22 december 2017 heeft de Advocaat-Generaal van de Staatsraad prof Widdershoven de afdeling rechtspraak geadviseerd om voortaan ministeriele regelingen (volgens mij dus ook de Backpayregeling) niet meer terughoudend maar indringender dus exceptief te toetsen.

      TOT 1 JULI 2019 WEIGERDE DE CRVB DE BACKPAYREGELING TE TOETSEN AAN HOGERE REGELGEVINGEN ZOALS DISCRIMINATIEVERBODEN GEREGELD IN ARTIKEL 14 EVRM EN NARTIKEL 26 IVBPR.
      Vanaf 1 juli 2019 heeft ook de CRVB het advies van prof Widdershoven gevolgd en dus de CRVB het hoger beroep van een erfgenaam van een voor 15 augustus 2015 overleden KNIL militair, die over de periode geen soldij had gekregen, indringende dus exceptief zal moeten beoordelen omdat de hoorzitting is gepland op 23 januari 2020 om 11.00 uur. Nu dient de Raad te onderzoeken of het uitsluiten van “belanghebbenden” in de rede ligt.

      NADER STANDPUNT
      Er is als standpunt ingenomen dat de bestreden voorwaarde in feite inhoudt de voorwaarde: niet voor 15 augustus 2015 overleden.

      Nu de “belanghebbende” vanwege zijn hoge leeftijd of onthoofding door de Japanse soldaten tussen 1942-1945 zijn overlijdendatum niet kon beinvloeden of uitstellen is het stellen van die nadere voorwaarde (niet voor 15 augustus 2015 oiverleden) niet in de rede. Om die reden reeds die voorwaarde door de Raad buiten toepassing kan worden gelaten.

      TER VERGELIJKING
      De CRVB heeft in het verleden het besluit van de SVB om een onwettig kind uit de sluiten van een nabestaandenuitkering (biologische vader was overleden) louter o.g.v. status: onwettig kind, uiteindelijk na interventie van de Commissie voor de rechten van de mens als verboden discriminatie in de zin van artikel 26 IVBPR aangemerkt en het gewraakte artikel buiten toepassing gelaten en het onwettig kind alsnog een nabestaandenuitkering toegekend omdat het kind de keuze van zijn ouders om niet met elkaar te huwen niet kon beinvloeden.

      SPRAKE VAN DISCRIMININATIE IN DE ZIN VAN ARTIKEL 26 IVBPR
      Artikel 26 IVBPR verbiedt onderscheid o.g.v. onder meer status of wat dan ook, tenzij er een objectieve en rechtvaardige reden is voor het gemaakte onderscheid.

      De belanghebbenden die louter o.g.v. status: overleden voor 15 augustus 2015 kwamen niet posthuum in aanmerking voor de tegemoetkoming en ook zijn nabestaanden niet. De peildatum kan niet als een objectief en rechtvaardige reden worden aangemerkt voor het gemaakte onderscheid. Waarom? Zij konden geen invloed op hun overlijdenmsdatum uitoefenen.

      WAT IS EEN OBJECTIEFT EN DE RECHTVAARDIGE REDEN VOOR UITSLUITING?.
      Samenwerking met de Japanse soldaten en aannemen van een Japanse nationaliteit wel kan worden aangemerkt als een objectief en rechtvaardige reden om hen uit te sluiten van de backpayregeling. DIT IS OOK EXPLICIET GEREGELD IN DE BACKPAYREGELING.

  6. Christine Streng-Flohr. zegt:

    ook mijn vader en moeder hebben geleden onder de onrechtvaardige behandelong van de Nederlandse overheid. en dat alles om de rood wit blauwe vlag te verdedigen.

  7. Christine Streng-Flohr. zegt:

    ben het hier helemaal mee eens. !! petje af voor mijn tante Loes.

Laat een reactie achter op Christine Streng-Flohr. Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s